FAQ: Wat zijn de effecten op de biodiversiteit?

FAQ: Wat zijn de effecten op de biodiversiteit?

Biodiversiteit is een onderwerp dat breed in de belangstelling staat. Niet verwonderlijk want veel planten- en diersoorten worden bedreigd door activiteiten van de mens. Voor de gemeenteraad was dit aanleiding te eisen dat de biodiversiteit en ecologische waarden aantoonbaar zouden worden uitgebreid. Dat is helaas niet gelukt. Lees hier waarom.

Wat is biodiversiteit eigenlijk?

Bio” betekent leven “diversiteit” betekent afwisseling, verschil, verscheidenheid. Je kunt het dus vertalen met ‘soortenrijkdom’, dus de variatie aan verschillende soorten dieren, planten en bomen. Naast de variatie is ook het aantal en het onderling verband ertussen belangrijk. Een boom te midden van struiken die grenzen aan een natuurlijk grasveld kan meer soorten herbergen dan een geïsoleerde boom op een schoolplein. 

Wat zijn de gevolgen voor de biodiversiteit in het Roomburgerpark?

Strikt genomen is dat nog niet onderzocht door de gemeente. Experts verwachten echter dat de biodiversiteit van het Roomburgerpark na het inrichtingsplan erop achteruit zal gaan. Dat komt vooral door het verlies aan bomen, aan schuil- en foerageermogelijkheid en het verbreken van verbindingsmogelijkheden voor organismen in het park. De aanleg van kunstgras weegt hierin het zwaarst.

Als je een gebied verkleint neemt de biodiversiteit veel sterker af dan dat je vermoedt, omgekeerd als je een gebied vergroot neemt de biodiversiteit veel sterker toe. Of te wel: 2-1 = geen 1 maar 0,5  en  1+1=geen 2 maar 3. Hoe dat werkt is een groot verhaal. Ik noem een voorbeeld. Bijen en andere insecten gaan veelal naar dezelfde planten voor voedsel. Als de planten dicht bij elkaar staan is dat gemakkelijk. Als ze van geveltuintje naar geveltuintje moeten vliegen kost dat energie.  Voor vogels is er minder nestgelegenheid. Egels moeten vaker over de straat lopen en kunnen onder de auto komen.

Sperwer gefotografeerd in het park

Wat zijn de gevolgen voor de biodiversiteit voor de directe omgeving van het Roomburgerpark?

Er verdwijnen 67 bomen in het park en bij de school. De gemeente wil er 90 voor terug planten. 
Dat zijn per definitie minder volgroeide bomen als er nu staan. Pas over ongeveer 30 jaar zullen die volgroeid zijn. Of ze er dan nog staan valt overigens te betwijfelen. Deskundigen melden dat de komende jaren mogelijk veel bomen in een stad doodgaan. Zie Droogte is de nekslag voor de stadsnatuur (Parool 2018).
Verplanten kan dat beïnvloeden. Een boom die met zijn wortels goed gevestigd is heeft een grotere overlevingskans. Immers de bodem op die plaats bevat de micro organismen die daarvoor nodig zijn.

Zijn er rapporten over flora en fauna in het park? 

Nauwelijks. Er heeft geen nulmeting plaatsgevonden en de gemeente heeft ook geen inschatting gedaan van de te verwachten effecten. Dat is niet gebeurd. Dat hoort wel zo. Ieder jaargetijde heeft z’n eigen flora en fauna. Het enige wat er is het éénmalige rapport van het bureau Terra Nostra uit 2019 en een inventarisatie van Helias Udo de Haes en Rinny E Kooi, ook 2019. Zie de literatuurverwijzingen in de rubriek “Meer informatie over het park” aan het eind van deze FAQ.

Zijn er beschermde diersoorten in het park?

De Wet Natuurbescherming regelt de bescherming van planten- en diersoorten. Een zogenaamde Rode Lijst bestaat uit soorten die dermate kwetsbaar zijn dat ze extra bescherming verdienen.
In het Roomburgerpark komen in elk geval 8 diersoorten voor die zo’n extra beschermde status hebben in de Wet Natuurbescherming: 6 soorten vleermuizen (Gewone Dwergvleermuis, Laatvlieger, Meervleermuis, Rosse Vleermuis, Ruige Dwergvleermuis, Watervleermuis), de boomvalk en de huismus. Juist de ligging van het Roomburgerpark, met het open terrein aan de rand van een woonwijk met oude bebouwing en omliggend water maakt het voor de vleermuizen een geschikte vliegroute tussen voedselgebieden en vaste rust- en verblijfplaatsen. De vleermuizen vervullen daar een heel nuttige taak: ze zijn bijvoorbeeld natuurlijke bestrijders van plaaginsecten zoals muggen.
Voor deze diersoorten op de Rode Lijst is aanvullend onderzoek nodig om te kijken of er een ontheffing mogelijk is als hun leefomgeving verstoord zou moeten worden. Verwijderen van bomen en struiken en de aanwezigheid van sportverlichting zou tot dergelijke verstoring kunnen leiden.
Een ontheffing wordt uitsluitend verleend als voldaan is aan een aantal voorwaarden, zoals dat er geen andere oplossing is voor het probleem of dat er sprake is van een in de wet genoemd belang zoals volksgezondheid of openbare veiligheid.

De gemeente heeft vooralsnog niet het verplichte aanvullend onderzoek laten doen naar de desbetreffende soorten.

Hoeveel bomen en struiken worden er gekapt?

Er verdwijnen 47 volwassen bomen in het Roomburgerpark en 20 bij de school. Deze zijn veelal meer dan 40 jaar oud, dit ondanks dat ze soms klein lijken. Het park is al ruim zestig jaar oud. Er zullen dus ook wel bomen zijn die ouder zijn dan zestig jaar,  enkele misschien wel 70 jaar oud, aangeplant direct na de kaalkap van de Tweede Wereldoorlog. 

Net zo belangrijk is dat er grote hoge, deels oude struiken worden weggehaald. Het zijn planten die meestal heel veel bloemen produceren, denk maar aan rozen, ligusters, de Gelderse roos of de prachtframboos. Ze zijn dus voor insecten als zweefvliegen, bijen en vlinders heel belangrijk. Bovendien leggen ze net als bomen stikstof vast en produceren zuurstof. Je kunt die ook niet zomaar verplanten.

Maar er komen toch ook bomen bij?

Klopt, maar voor het overgrote deel zullen dit kleinere bomen zijn die pas over 30 jaar dezelfde biodiversiteitswaarde zullen hebben. Bovendien staan de bomen rondom de sportvelden en de andere elementen uit het park. De nieuwe en overblijvende bomen zijn hooguit franje om de sportvelden heen. De natuur in het park wordt dus letterlijk gemarginaliseerd. 

Over nieuwe bomen schrijft Koos Biesmeijer (onderdirecteur Naturalis): “Een stad of park zonder bomen is levenloos. Het is daarom van groot belang om ook in de toekomst gezonde bomen te hebben in de stad. Als je nu een boom plant moet die het over 40 jaar nog steeds naar de zin hebben en moeten mensen hem nog mooi vinden. Dat betekent dat je rekening moet houden met het klimaat van de toekomst en dat is in de stad een paar graden warmer dan daarbuiten met meer droogte tot gevolg.”

Het is daarnaast nog maar de vraag of het aantal van 90 nieuwe bomen gehaald gaat worden. Er staan circa 13 nieuwe bomen en 5 bestaande bomen ingetekend midden in de plek waar de nieuwe speeltuin komt, en nog een tal bomen aan de rand daarvan. De speeltuinvereniging heeft aangegeven dat de speeltuin daardoor onvoldoende speeloppervlak krijgt.  Zie het schetsontwerp van het inrichtingsvoorstel.

Kunnen bomen gemakkelijk worden verhuisd? 

Verplanten vereist een zorgvuldige en jarenlange voorbereiding. Bomen staan vaak via de wortels met elkaar in verbinding. Het verplaatsen verstoort dat. Er moet ook nog een geschikte plaats worden gevonden, dat is soortafhankelijk. De aanplant van oudere bomen is moeilijker dan van jongere. Vele bomen zullen zo’n verhuizing niet overleven. Daarnaast is de beschadiging aan de wortels en de noodzaak om zich te vestigen op ‘ nieuwe grond’ zonder de bodemorganismen (schimmels b.v.) die daarbij horen een extra reden waarom ze het vaak niet halen. Biesmeijer schreef: “Dat vereist  ook een hele  grote bodemtransplantatie om de aanplant van de bomen planten te helpen”.  De nieuwe omgeving moet dus ook ruimte hebben voor de verhuisde bodem.

Kan de gemeente dan geen ‘nieuwe’ volwassen bomen aanplanten?

Dat is afhankelijk van de hierboven genoemde technische haalbaarheid maar ook van de financiële haalbaarheid.

Bomenconsulent Hans Kaljee meldt dat de kosten erg hoog zijn bij het aanplanten van volwassen bomen: “Een linde bijvoorbeeld met een stamdoorsnede van 6 centimeter kost, als het transport en het planten niet worden meegerekend, 350 euro. Een linde met een stamdoorsnede van 16 centimeter kost tien keer zoveel: 3500 euro. Daar komt nog eens het inrichten van de ondergrond bij, dat ook nog eens 1500 euro kost. Ook voor andere bomen geldt dat het planten van een ‘volwassen’ exemplaar drie keer zo duur is als relatief jonge aanplant.” Lees ook Een grote boom schrikt zich dood (Trouw 2003).
De gemeenteraad heeft een motie aangenomen om de kosten voor het inrichtingsvoorstel zo minimaal mogelijk te houden. Het is dus de vraag of zij dan zullen investeren in volwassen bomen.

Komen de bomen terug in het park?

Dat kan alleen als er geschikte ruimte is. De ruimte is beperkt. Na de renovatie van het park kort voor 2000 zijn veel aangeplante bomen doodgegaan. Dat kan ook nu weer gebeuren. Ca 20-30 cm onder de grond ligt een redelijk ondoordringbare kleilaag voor de bomen. Voor de aanplant moeten dus extra voorzieningen worden getroffen.  En het is de vraag of die geschikte plaats wel in het park te vinden is voor die oude bomen. In het algemeen geldt dat het gemakkelijker is om kleine bomen aan te planten dan grote.

Bomen rond sportvelden is toch geen ideale combinatie?

Klopt. In het verleden klaagde de hockeyvereniging over de overlast die bladeren veroorzaken. Steeds weer bladeren opruimen is veel werk en kost veel tijd. 

Wat is de meerwaarde van een tiny forest op het schoolplein?

Een bestaande versteende omgeving vergroenen door een tiny forest is altijd een goed idee. In dit geval wordt echter een bestaand stuk park gecompenseerd door een (nieuw) tiny forest op een schoolplein, zonder dezelfde bodemgesteldheid ondergroei aan struiken hebben als de bestaande bomen die weg moeten. 
Ook de biodiversiteitswaarde van een tiny forest wordt overschat. Kinderen spelen er, takken aan de takken en verstoren ook de vogels en misschien ook wel de bijen en vlinders.  De ondergrond van het nieuwe tiny forest is mogelijk ongeschikt, dood, omdat er tegels lagen en geen wormen en andere organismen in de bodem zaten. 
Daarnaast is een wandeling in een park iets anders dan een wandeling op een schoolplein.

Komt er een boomgaard, hoe zit dat?

De boomgaard staat genoemd in het Schetsontwerp inrichtingsvoorstel Wijksportpark Roomburgerpark op pagina 4: “Het toevoegen van een boomgaard met pluk- en fruitbomen geeft een nieuw type groen aan het park. Omwonenden, scholen en andere bezoekers kunnen hier noten rapen en fruitplukken voor eigen gebruik.” 

Ook dit is een nog niet uitgewerkt idee. Er liggen nog veel vragen. Voor wie is de boomgaard? Voor buurtbewoners? Of voor de kinderen van de drie basisscholen? Hoe groot moet die wel niet worden, tien bomen is nog niet genoeg! Welke bomen worden uitgekozenen en wanneer dragen die vruchten? Een appel- of kersenboom al snel. Dat geldt niet voor een walnoot of perenboom.  Hoe zit het met vandalisme, worden de takken niet kapot gerukt?

Kun je de biodiversiteit vergroten door boomspiegels en geveltuintjes in de wijk?

Een boomspiegel is het stuk grond rondom de stam van een boom dat van boven toegankelijk is voor lucht en water. In de ideale situatie minstens zo groot is als de kruin van de boom, maar in de stad is dat niet het geval. Het kan dus nooit een boom in een park vervangen. 

Groene geveltuintjes dragen vaak wel wat bij maar alleen als daar inheemse planten in staan. Ze zijn dus goed voor een aantal insecten maar niet voor vogels die een nestplaats nodig hebben. Bovendien blijft het allemaal snippergroen, geen aaneengesloten stuk park.

Wat is de biodiversiteitswaarde van gras?

De biodiversiteitswaarde van een grasveld is heel groot. Onder de grond leven organismen als wormen en insectenlarven – voedsel voor mollen, egels en vogels. Wilde bloemen zoals madeliefjes en paardenbloemen leveren voedsel voor wel dertig verschillende soorten bijen die honing halen bij madeliefjes. Veel vogels zoals mussen eten de zaden van grassen. Dat doen ook veldmuizen. De bodem onder een groen plastic hockeyveld is dood. 

Welk effect heeft de toename van extra licht en geluid?

Een extra vierde veld geeft uiteraard meer overlast voor mens en dier.
Mensen hebben er last van maar uit onderzoek blijkt vogels ook. Ongetwijfeld geldt dit ook voor vleermuizen, egels, insecten en andere dieren. Zij reageren op de lengte van de dag. Daarnaast maken veel dieren geluid. Dat geldt niet alleen voor zoogdieren en vogels maar ook voor padden, kikkers, sprinkhanen, bijen vlinders enz. Ook die hebben last van geluid. 

Wat is het advies van de stadsecoloog?
De stadsecoloog heeft in 2019 in opdracht van de gemeente een adviesrapport geschreven over ecologische kansen in Leiden. Hierin noemt hij het belang van behoud van bestaande natuurkwaliteit. Er kan aan de voorkant geïnvesteerd worden in natuur; dit heeft geen zin als aan de achterkant weer natuur verdwijnt. Juiste oude groenstructuren in de stad hebben hoge ecologische waarden.
De vijver in het Roomburgerpark stipt hij zelfs aan als ecologische hotspot, waarbij de inrichting ervan nagenoeg ontbrekend is in de rest van Leiden.
Ook adviseert de stadsecoloog de beperking van kunstgrasvelden, omdat het negatieve effecten heeft op het milieu, zoals verlies van ecologische functie en toename van hittestress voor het stadsklimaat.
De gemeenteraad heeft in het inrichtingsvoorstel van het Roomburgerpark echter geen gehoor gegeven aan deze adviezen van hun eigen stadsecoloog.

De vijver is een ecologische hotspot

Gaat de gemeente niet verder vergroenen in de wijk als het hockeyveld er niet kan komen?
Jawel! De gemeenteraad heeft ingestemd met een amendement waarin kaders worden gesteld waaraan het inrichtingsvoorstel moet voldoen. Het amendement stelt ook dat indien het hockeyveld niet ingepast kan worden, de andere kaders alsnog uitgevoerd dienen te worden. Een van die kaders is dat biodiversiteit en ecologische waarden aantoonbaar uitgebreid moeten worden in het projectgebied. Bovendien worden aan de huidige rioolplannen al vergroeningsvoorstellen toegevoegd.

Over de auteurs

Dr Rinny E Kooi studeerde biologie. Zij schreef een proefschrift over insect- plant relaties. Zij doceerde biodiversiteit van dieren aan de universiteit van Leiden. Sinds 1997 verzorgt zij een rubriek over bomen in de wijkkrant van de Professoren en Burgemeesterswijk. Vanaf 1 januari 2015 is zij Botanisch Curator van het Singelpark Leiden.

Dick de Vos is natuurjournalist en reisleider van vogelreizen. Van 2008-2018 was hij polticus namens de Partij voor de Dieren in het hoogheemraadschap Rijnland en de gemeenteraad Leiden. Momenteel is hij bestuurslid van de Bomenbond.

Meer informatie over biodiversiteit in het park

Rapportage haalbaarheidsonderzoek Wijksportpark Roomburgerpark, nulmeting, Gemeente Leiden, 11 april 2019

Bevat op pagina 59 en 60 een inventarisatie van beschermde soorten in Het Roomburgerpark. De rapportage is hgebaseerd op standaardmetingen uit het stadsmeetnet.
Op pagina 61 en 62 vindt u een eerste analyse van de ecologische kwaliteit van het park.

Biodiversiteit in Het Roomburgerpark, Helias A. Udo de Haes, Rinny E. Kooi, 12 mei 2020

“Het Roomburgerpark behoort tot de kleinere parken van Leiden, maar is zeer plezierig om in te wandelen. Het is extra aantrekkelijk door de vele soorten planten en dieren die er in voorkomen. Met name de vijver en de vaak brede randen rondom het centrale grasveld zijn rijk aan plant- en diersoorten. “

Het inrichtingsplan van het Roomburgerpark en de gevolgen voor de biodiversiteit, Helias A. Udo de Haes, Rinny E. Kooi, Dick de Vos, 12 mei 2020

“Zowel de beschermde soorten, als de soorten die in het Roomburgerpark en directe omgeving uit recreatief oogpunt van belang zijn, dreigen er door uitvoering van het plan aanzienlijk op achteruit gaan of deels zelfs te verdwijnen”

Overzicht bijdrage ecologie en biodiversiteit, Gemeente (auteur onbekend), oktober 2020

Infographic van de gemeente met overzicht van de effecten op ecologie en biodiversiteit

Beoordeling bestaande en potentiële natuurwaarden Roomburgerpark, B.K.C. Meijer (Terra Nostra), 21 november 2019.

“Binnen het park liggen mogelijkheden om natuurwaarden te versterken. Deze worden besproken aan de hand van verschillende soortgroepen.”

Bij de beantwoording van de technische vragen van de Raadscommissie Onderwijs en Samenleving d.d. 15-10-2020 zijn meetnetgegevens te vinden van de Libellenroute, de oever en de waterplanten.